Tussen Schotten – episode 1

Dries Desmet onderneemt binnenkort een reisje waar velen hier jaloers op zullen zijn. Met de moto naar Schotland, om daar de North Coast 500 te rijden, en onderweg te stoppen om te genieten van de schoonheid en al het lekkers dat Schotland te bieden heeft. Onder de titel Tussen Schotten deelt hij het verhaal van zijn voorbereidingen en avonturen met Meug.

Tussen Schotten

Stel : je kraakt een Jura 12 years old met twee vrienden en neemt het woord ‘Schotland’ in de mond. De ene zal reageren :”Ik wil er naartoe” en de andere :”Ik ben er geweest”.

 

Sinds ik de bestemming van mijn solo-reis gekozen heb, wordt elke babbel een tasting. Ik gooi wat Schots op tafel en luister. Minuten later kreunt het blad onder de superlatieven. ‘Het groen is er … groener. Heel dat land IS de overkant.’
‘Na de Malediven mijn mooiste bestemming’.
‘De mensen.’
‘Ik rij een route vaak 2 keer. En dat al 25 jaar na elkaar’

Het kan kloppen.

Door de Noordelijke ligging heeft Schotland heel lange dagen en korte nachten in de zomer. De warme Golfstroom laat palmbomen groeien op de meest Noordelijke eilanden. Dolfijnen spotten is dagelijkse kost. De karige bewoners (De Clearances verjoegen vanaf 1732 met duizenden tegelijk de Schotten, een uittocht die pas in de 19de eeuw stopte omdat de bevolking op was) zien zo weinig volk dat ze elke toerist met open armen ontvangen. Valleien met namen als ‘Bealach Na Ba’ verslinden de eenzame motorrijder. Het moet een episch land zijn. I m’ a believer, zing ik met Paul McCartney. En ik geloof hem graag.

 

Van Hull naar Mull of Kintyre. Dat lijkt me een mooi begin. En Hendrick’s Gin, in Girvan, ook vlakbij. Maar wat met de overige 11 dagen ?
De zondagse bosloop brengt soelaas. De Schotland 500 route is een must-have-seen weet Kris, die er zelf nooit geweest is. 800 kilometer (een landmijl is 1,5 kilometer, een zeemijl 1800 meter, MacDonald mag weten waarom) kustweg. Van Inverness naar Inverness met daartussen meer bochten dan bergen, meer beelden dan bewoners. Het grootse schijnt te schuilen in het kleine : kleine dorpen, kleine toeristische plekken, smalle wegen (campers met dubbelas rijden zich her en der vast). ‘Ze’ zijn er wel mee bezig : 30 jaar geleden gingen ‘ze’ Schotland een onder handen nemen. Na 30 kilometer zijn ‘ze’ ermee opgehouden. Waarom een weg naar nergens ? Groot gelijk, mijn gedacht.

Wij speelden Schots en Scheef, mijn buurjongetje en ik en we hadden het recht aan onze kant. We versloegen Picten, Vikings, Ieren en hakten Engelse bomen van venten aan spaanders, waar we nadien kampvuren mee aanlegden. Met de zwartgeblakerde aardappelen tatoeëerden we mandala’s en droomden we van het land waar blaasbalgen instrumenten waren, paarden op onze maat bestonden en waar Echte Mannen, onze vrienden, rokken droegen. Vijftig jaar geleden, alweer.

Tijd om de vrienden terug te zien.
If you come home to me, then I’ll come home to you.

I keep you all posted.

Dries